Van -2 naar +40
3 april 2012 - Amsterdam, Nederland
Afgelopen maandag landden Luc en ik weer op Schiphol. Ongelooflijk dat de 4,5 maand er nu al op zitten. Het is ontzettend snel gegaan en tegelijkertijd lijkt het ook heel lang geleden dat we aan dit avontuur begonnen. We zijn sinds maandag bezig weer te wennen aan het tempo hier in Nederland, genieten van boterhammen met pindakaas en hagelslag en proberen weer orde in de chaos thuis te scheppen. Gisteren zijn we weer met het serieuze leven begonnen, dus het is de hoogste tijd om het laatste stuk van onze reis met jullie te delen. Dit begint in de meest zuidelijke stad van de wereld, en eindigt in de stad der steden: Rio de Janeiro.
Ushuaia
Ushuaia is vooral bijzonder, omdat het de meest zuidelijke stad is van de wereld. Vanuit hier is het goed mogelijk om naar Antarctica te varen, wat overal in het centrum goed te merken is. Hoewel erg aantrekkelijk, besloten wij de oversteek niet te maken, de zon van Buenos Aires verwachtte ons. We bleven er twee dagen, waarvan we er 1 in het parque nacional de Tierra del Fuego doorbrachten. Erg bijzonder natuurgebied; de enige in Zuid Amerika aan zee met allerlei gekke bomen, bevers, roofvogels, spechten en vooral veel mosselen. Ondanks dat we er in de zomer waren, was het -2 in de ochtend en sneeuwde het een halve dag, hoe koud moet het er dan in de winter zijn??!!
Buenos Aires
Na drie weken Patagonie met wind, sneeuw en kou waren we erg toe aan lekker weer. We besloten de oost-kust van Argentinië over te slaan, hier is het vooral in andere seizoenen bijzonder met zeedieren zoals walvissen en orca’s. Dus vlogen we op 25 februari naar BA, waar het bij aankomst zo’n 30 graden was, heerlijk! Aangezien het vrijdagavond was, gingen we meteen door om het night life van BA te ontdekken. Luc had hier veel voorkennis voor opgedaan, maar in de club waar we belandden (Crobar) bleek een tiener feestje aan de gang. Zaterdagavond was wat dat betreft niet erg veel beter, de Pacha bleek dicht en de club waar we door de taxi chauf werden afgezet (Terazas del Este) heel mooi maar niet erg spetterend. Jammer, want hadden bedacht hier de bloemetjes eens flink buiten te zetten.
We hadden geluk want op zondag speelde Boca Juniors thuis, DE club van Maradonna en dus van Argentinië. Van te voren werden we eindeloos gewaarschuwd voor de hooligans en de wijze waarop het eraan toe zou gaan in het stadion, dus we hadden heel wat verwacht. Uiteindelijk bleek het non-stop zingen, begeleid door een onophoudelijk trommelgeroffel. Leuk, maar voor ons Nederlanders niet buitengewoon, een wedstrijd Ajax-Feyenoord gaat er volgens ons heftiger aan toe. La Boca won met 2-0, wat er wellicht ook mee te maken had dat de gemoederen rustig bleven.
De resterende dagen in BA vulden we in met rondslenteren door de wijk Palermo (honderden restaurantjes, winkeltjes, barretjes, ijszaakjes etc), in de vintage winkeltjes op zoek naar leuke kleren, een bezoek aan de begraafplaats in de wijk Recoleta waar o.a. Evita Peron begraven ligt, een wandeling door het centrum van de stad, naar een antiekmarktje op zondagochtend, een rondje door de Japanse tuinen en lunchen in Puerto Madero, de haven van de stad. We gingen er – verlaat – voor mijn dertigste verjaardag eten, heerlijke sushi! Net als drie jaar geleden toen ik hier was voor het huwelijk van een vriendinnetje, maakte BA een waanzinnige indruk op me, wat een fantastische stad!
Puerto de Iguazu
Voordat we Brazilië in gingen stond er nog 1 stop in Argentinië op het programma namelijk Puerto de Iguazu. Dit dorp ligt op de grens met Brazilië en Paraguay en is wereld beroemd door de fantastische 270 watervallen die er liggen. In totaal zijn de watervallen 2,7 kilometer breed en vallen tot 82 meter naar beneden. Het bekendste deel is de "Garganta do Diabo" (keel van de duivel), een grote halfronde waterval van 150 meter breed waarin het water 70 meter in de diepte stort. We waren allebei heel erg onder de indruk, wat een fantastisch gezicht (wat ook blijkt aan de 17 foto’s die we op de blog zullen publiceren straks, gewoon te moeilijk om te kiezen). Leuk ook dat het daar praktisch jungle is, waardoor we allerlei vogels en andere beesten zagen. De watervallen zijn zowel vanuit Brazilië (op afstand) als vanuit Argentinië (van dichtbij) te aanschouwen. Wij deden allebei, waarbij we aan de Argentijnse kant ook in een boot stapten die ons onder een van de watervallen voer, wauw wat een natuurgeweld!
Paraty
Vanuit Iguazu pakten we de laatste nachtbus naar Sao Paulo, met de intentie bij aankomst direct door naar Paraty te gaan. Toen bleek dat we om 05:00 uur ’s ochtends in Sao Paulo aan zouden komen en we in het half Portugees van de buschauf begrepen dat we er een betere aansluiting ergens anders was, besloten we in de bus te blijven tot de chauf ons eruit zetten – langs de snelweg. Daar sta je dan met je backpack langs de snelweg in een land waar je de taal niet van spreekt nog verstaat… Gelukkig had de buschauf wel een kant op gewezen die uiteindelijk goed bleek te zijn, en was het inmiddels 06:30 uur, licht en 28 graden, dus met een goed humeur liepen we de richting op die de chauf had gewezen. Uiteindelijk hadden we een perfecte overstap, en bleek de bus naar Paraty 40 minuten later te vertrekken.
Paraty is een super leuk dorpje, omringd door prachtige eilandjes en mooie stranden. We logeerden er in een hostel aan het strand en deden er een ‘schooner tour’, een dagtocht op een groot zeiljacht (zonder zeilen) langs idyllische eilandjes die je vooral van de plaatjes van reisbrochures kent. Water zo doorzichtig groen/blauw dat we de vissen zagen zwemmen en heerlijk weer. In de buurt bezochten we een cachaça destilleerderij, de Braziliaanse drank waar Caipirinha’s van worden gemaakt. Helaas was de uitleg in het Portugees en sprak de beste man geen Engels, dus erg veel van het fermentatie proces hebben we niet meegekregen. Wat we er wel over te weten gekomen zijn is dat cachaça gemaakt is van de sap van suikerriet, en dat ze er in Brazilië allerlei soorten cocktails mee maken, lekker! Tegenover de destilleerderij lag een ‘natuurlijke glijbaan’, waar we beiden een aantal keer naar beneden gleden, hard!
Ilha Grande
De boot naar Ilha Grande kwam rond 14:00 uur aan op het eiland, we hadden over Ilha gelezen dat de mooiste stranden van Brazilië zich er bevinden en niets minder bleek waar. Heel bijzonder aan het eiland is dat het midden in de jungle is, waarbij de randen van het eiland bijna overal met zand bedekt zijn waardoor je geweldige stranden hebt. Echt wit zand en breed met een jungle op de achtergrond, heel bijzonder maar ook lastig bereikbaar. Dus, iedere dag de wandelschoenen aan en de jungle door met als beloning een super mooi stand. Onderweg zagen we super grote bamboo-bomen, aapjes en mooie uitzichten. We vermaakten ons goed met de super actieve krabben die hun ondergrondse huisjes leegschepten en daarmee driftig in de weer waren. Wat een mooi eiland!
Saquarema
Vanuit Ilha Grande vertrokken we naar onze een na laatst stop, Saquarema. Net als Ilha Grande is dit een populaire weekend bestemming van de welgestelde mensen uit Rio, een mooi dorpje aan zee met kilometers strand. Daar komen bleek niet eenvoudig, we hadden er maar liefst vier bussen voor nodig. Ook hier vonden we een hostel op het strand, in een praktisch uitgestorven dorp. Het seizoen was hier eigenlijk al voorbij en aangezien het geen weekend was, was er dus bijzonder weinig gaande. Voor ons maakte dit weinig uit, heerlijk om nog drie dagen volledige rust te hebben voordat we naar Rio de Janeiro zouden gaan waar het ongetwijfeld een stuk drukker zou zijn.
Rio de Janeiro
Het hostel wat we boekten in Rio was zo duur, dat we besloten in een dorm te slapen met 7 anderen, op DRIE hoog. Niet echt lekker als je ’s nachts naar de WC moet of iets uit je tas wilt pakken… De reden dat het hostel zo duur is, is omdat veel van de hostels in Rio op de rand van (of net in) de sloppenwijken (Favella’s) liggen. Wij voelden er niet zo veel voor vlak voor het einde van onze reis nog overvallen te worden, dus kozen we voor de veilige wijk Leblon. In deze wijk zijn allerlei restaurantjes, mooie winkeltjes en is het strand op twee minuten lopen. De thermometer is tijdens ons bezoek aan Rio niet onder de 30 graden geweest, waarbij we de 43 graden langs zagen komen. Wat een verschil met een paar weken terug toen we nog door de sneeuw liepen!
Luc wilde graag de Braziliaanse specialiteiten proberen dus aten we Acai bessen en dronken Caldo de Cana (suikerriet sap). We bezochten de stranden van Copacabana en Ipanema en namen het treintje naar Cristo Redentor, het 38m hoge Jezusbeeld dat met gespreide armen naar de stad staat te kijken, heel indrukwekkend.
Ook hier deden we de stadwandeling van de Lonely Planet door het centrum, die ons ook langs de Escadaria Selaron voerde. Dit zijn 250 traptreden die door de Chileense kunstenaar Jorge Selaron worden versierd met tegeltjes uit de hele wereld. Heel leuk om daar ook veel Nederlandse tegeltjes tussen te zien, waaronder een van Amsterdam! Op zaterdagavond gingen we met een groep uit het hostel naar Rio Scenarium, DE plek voor Salsa liefhebbers waar een bandje optrad. Leuk om hier tussen de Brazilianen naar samba muziek te luisteren en de hele zaal los te zien gaan op voor ons onbekende nummers… We boekten een tour om een favella te bezoeken, de grootste van de stad. Er zijn ruim duizend favella’s in Rio, interessant dus om te zien hoe het daar aan toe gaat. Toen we onder aan de wijk werden afgezet en de gids ons vertelden dat we op motoren naar boven zouden worden gebracht en dat we onderweg drugdealers en andere gangsters tegen konden komen, voelde ik me niet helemaal gemakkelijk.. Het gevaar viel uiteindelijk heel erg mee, een groot deel van de kosten van de tour wordt in de wijk gestoken, dus werd ons bezoek getolereerd. We zagen hoe illegaal elektriciteit, internet en water wordt afgetapt, hoe de huizen alsmaar op elkaar worden gebouwd en hoe de riolering in de wijk er aan toe is. Duidelijk is dat Rio (en heel Brazilië) hier nog veel te doen heeft om de bevolking uit extreme armoede te trekken…
Op zondag 25 maart was het dan echt zo ver, onze laatste dag. We lagen op het strand bij Ipanema, dronken een laatste Caipi en maakten ons op voor de terugweg. Dat we ’s ochtends aapjes banaan voerden was toen nog de normaalste zaak van de wereld, maar toen we op dinsdagochtend weer in onze eigen tuin zaten realiseerden we ons wel hoe bijzonder dat eigenlijk was.
We hebben ontzettend genoten, maakten mooie dingen mee en beleefden grote avonturen. We kijken terug op bijna 5 maanden met een heleboel nieuwe herinneringen en voelen ons enorme bofkonten dat we dit hebben mogen meemaken.
Nu in Nederland staan weer nieuwe uitdagingen te wachten, die we weer met volle energie aan gaan. Hiermee is dit ook ons laatste verhaaltje voor deze reis, wie weet volgen er over een paar jaar weer nieuwe verhaaltjes, als we onze tweede lange reis gaan maken…., maar eerst maar weer eens een beetje werken ;-)
Veel liefs van ons en tot snel,
Annick
